woensdag 23 april 2014

Elodi Ouedraogo Het gezonde kinderkookboek

Deze post is eens helemaal anders dan wat je van mij gewoon bent. Geen gastronomische gerechten of zoete desserts, maar een paar leuke toastjes. Hoezo? Welnu, ik kreeg onlangs, zoals wel vaker, een uitnodiging in mijn mailbox met de vraag of ik het boek van Elodi Ouedraogo wilde helpen promoten. Nu heb ik Elodi altijd al een sympathieke verschijning gevonden, maar toen ik las over welk soort boek het ging, was ik helemaal verkocht. Het gezonde kinderkookboek met 28 leuke en lekkere recepten voor en door kinderen. Bovendien gaat de opbrengst van dit fantastische initiatief integraal naar het Zeepreventorium in De Haan. Wat wil je nog meer?



In oktober 2013 lanceerde Lidl een gezonde receptenwedstrijd voor kinderen tot en met 12 jaar. Zo wilden ze een gezonde levensstijl met lekkere en gezonde voeding en voldoende beweging op een leuke manier onder de aandacht brengen. Met meer dan 3000 reacties op de oproep, was de actie een schot in de roos.

Uiteindelijk werden er 28 inzendingen weerhouden in de categorieën ontbijt, middagmaal, tussendoortje, avondmaal en soepen & drankjes. Naast de recepten met klinkende namen als "kabouterhuisjes", "een bordje vol kikker", "flowerpower-croque" of nog "blub, de gezonde vis" vind je er, als ouder, ook heel wat tips: over hoe je een kind vertrouwd kan maken met nieuwe geuren en smaken, over hoe de ideale maaltijd eruit ziet, over hoe je van je keuken een toffe en veilige kinderkeuken kan maken (want een kind dat meehelpt in de keuken, zal veel sneller proeven van wat het klaargemaakt heeft) tot enkele tips om meer te bewegen.

Ook ouders met kinderen met specifieke voedingsbehoeften komen met dit boek aan hun trekken. Lactose-intolerantie, glutenintolerantie, suikerziekte,... het komt allemaal aan bod.

Kleine kinderen in huis? Moeilijke etertjes? Op mijn Facebookpagina kan je het boek winnen!



Gekke bekken toasts

Hoewel ik geen kleine kinderen meer in huis heb, maakte ik toch deze schattige toastjes, naar een recept van Korneel (6 jaar) uit Diksmuide. De foto was nog maar net gemaakt of ze verdwenen al meteen in de maag van manlief. Waarmee het bewezen is dat grote mensen ook nog (soms) kleine kinderen zijn...

Nodig voor 4 personen

12 beschuitjes
12 plakjes smeltkaas
2 wortels
20 druiven
1 kiwi
8 partjes mandarijn
Ik gebruikte verder nog pistachenoten, hazelnoten, zonnebloempitten en rozijnen

Hoe maak je het klaar?

Leg op elke beschuit (of geroosterd sneetje brood) een plakje smeltkaas en snij de overtollige kaas weg.
Rasp de wortel voor een stuk en snij de rest in schijfjes.
Snij per beschuit 2 druiven in twee en snij de rest in vier.
Fantaseer en maak gekke gezichtjes.


Bron: Het gezonde kinderkookboek, vanaf 23 april verkrijgbaar bij Lidl voor slechts € 4,99.

maandag 21 april 2014

Tiramisu pavlova

Met een klassieke pavlova (met slagroom en rood fruit) ben ik makkelijk te verleiden, maar toen ik vorige week deze "tiramisu versie" voorbij zag komen op de blog van Pauline, was ik meteen helemààl verkocht. En ik niet alleen. Mijn paasgasten lepelden hun bord tot de laatste kruimel leeg (terwijl ze dan al hun buikje rond gegeten hadden aan een uitgebreide paasbrunch)...

Als ik bedenk welke hoge ogen mijn tiramisutaart gooit, dan gaat deze pavlova ook scoren! En terecht. Het werk valt reuze mee en het effect is verbluffend. Dit is echt een zalig recept. Ik zweer het jullie. En je hebt er niet eens een bakvorm voor nodig. Mooi meegenomen. Allez, hopsakee, we beginnen eraan.



Nodig voor 8 - 10 personen

Voor de pavlova:
200 g eiwit (ca. 7 stuks)
300 g suiker
2 sticks espresso poeder
1 el witte wijn azijn
1 el maïzena

Voor de vulling:
500 ml slagroom
300 g mascarpone
3 el suiker
Scheutje Amaretto
50 g pure chocolade
Cacao

Zo maak je het

Verwarm de oven voor op 150 graden (hetelucht).

Klop de eiwitten in een schone en vetvrije kom tot zachte pieken ontstaan. Je kan de kom vooraf vetvrij maken met een scheutje citroensap en een stukje keukenpapier).

Meng het espresso poeder met de suiker.

Zodra er zachte pieken ontstaan, voeg je lepel voor lepel de suiker toe en klop je net zolang tot er een dikke en stevige massa ontstaat.

Voeg de witte wijn azijn en de maïzena bij de massa en spatel dit voorzichtig om.

Verdeel 2 vellen bakpapier over 2 bakplaten. Teken op ieder vel een cirkel van ca. 23 cm. (Je kan hiervoor een dinerbord gebruiken).
Verdeel de massa over de 2 cirkels met de bolle kant van een lepel. Dit hoeft heus niet helemaal mooi vlak te zijn.
Zet de pavlova in de oven en bak ze in een uur af op 150° C.

Zet de deur van de oven op een kier en laat de bodems in de oven afkoelen.

Voor de vulling klopt je de mascarpone los in een kom met een flinke scheut Amaretto.
Klop in een andere kom de slagroom stijf met de suiker.
Spatel de slagroom door de mascarpone.

Leg de onderste helft van de pavlova op een bord en verdeel een deel van de vulling over het eiwitschuim.
Leg de andere helft erbovenop en verdeel de rest van de vulling over de bovenste helft. Ik heb de randen een beetje vrijgelaten.
Garneer de tiramisu pavlova met wat cacao.

Laat de pure chocolade smelten in een spuitzakje. Dit doe je door het spuitzakje in een kom met heet water te leggen.
Drizzel de chocolade over de tiramisu pavlova en je dessert is af.

Bron: blog Uit Pauline's Keuken.

vrijdag 18 april 2014

Romige rabarbertaartjes

Sinds ik bij Simone op cursus ben geweest, volg ik haar blog nog nauwgezetter dan ervoor. Ik was al fan, maar sinds ik haar 'ken', ben ik helemaal verknocht. Wat een prachtfoto's toch. En wat een grappige tekstjes. Zo ook deze week liet ze alle remmen los in een verhaal over een wedervaren uit haar jeugd. Paragrafen lang deed ze haar relaas, bouwde ze de spanning op als in een roman om tot een verrassende plot te komen. Ik verklap de clue niet. Wil je meer weten, lees dan alles zelf maar. Klik hier.

Nu was ik zo weg van haar verhaal, haar foto's en haar supermegakeimakkelijke recept dat ik het bovenaan mijn TO DO-lijstje zette. Ah ja, zo goed als geen ingrediënten nodig, behalve wat rabarber en laat ik die nu net (als enige, naast wat munt) in mijn 'moestuintje' staan hebben. Voor alle duidelijkheid, ik heb geen groene vingers. Totally not! Zelfs een cactus overleeft bij mij niet. Maar die rabarber, vakkundig geplant door onze tuinman (of wat dacht je?), doet het goed en vandaag heb ik dus de eerste 2 stengels 'geoogst'.  En die zwierde ik in Simones taartje.

Haar verhaal is veel leuker en haar foto's veel mooier. Alleen mijn taartjes waren vast even lekker als die van haar! Oh ja, ik had ook zo'n draak van een taart in mijn jeugd. In 't eerste leerjaar. Zuster Beata. Misschien vertel ik jullie het verhaal ook ooit wel eens...



Ingrediënten voor 4 stuks

4 plakjes diepvriesbladerdeeg
1 ei, losgeklopt
1 el rietsuiker
1 el volle room
2 stengels rabarber, dun gesneden
2 el poedersuiker

Werkwijze

Verwarm de oven voor op 200° C. Ontdooi het bladerdeeg en leg het op een bakplaat. Prik gaatjes met een vork in het midden en bestrijk de buitenkant met wat van het losgeklopte ei.
Maak met een mesje voorzichtig een rand aan de buitenkant van ongeveer een centimeter breed, maar snij niet volledig door.
Klop je room los samen met de rietsuiker en smeer een dun laagje op de bodem van de taartjes.
Leg je rabarberplakjes netjes binnen de lijntjes van je rand neer. Wees creatief met het patroon wat je ervan maakt! Bak de taartjes gedurende 20 minuten in de voorverwarmde oven of tot het bladerdeeg is gerezen en goudbruin is geworden.
Laat het een paar minuten rusten en eet het dan warm met nog wat extra slagroom of met een bolletje roomijs.

Tip: De rabarber is nog wel vrij zuur, dus het is het lekkerst met wat extra van de gezoete slagroom.

Bron: blog Simones Kitchen.


woensdag 16 april 2014

Tartaar van dorade met roze bessen

Onlangs was ik in Parijs om er de marathon te lopen. Maar dat niet alleen. Ik loop alleen marathons in grote, buitenlandse steden om er ook een citytrip aan te koppelen. Uiteraard was dat in de lichtstad niet anders...

De dag na de marathon trokken mijn dochter en ik erop uit om zoveel mogelijk van de stad te zien. Van het Louvres naar de Notre Dame, van de Sacré Coeur naar Place du Tertre en terug,... we maalden wat kilometers af. Shoppen was voor één keer niet aan ons besteed. Zoveel mogelijk cultuur opsnuiven, was het doel. Dat was tot we in één van de smalle straatjes rond de Sacré Coeur op een boekenwinkeltje botsten... met op de stoep een uitstalkraampje met... kookboeken. Stop! Halt! Kort even piepen, dat mocht toch?

Je raadt het al: 10 minuten later stapte ik terug buiten met onder de arm 3 kleine kookboekjes. Een met tartaar, een met moelleux en een met macarons. Ach, ik had toch wel een cadeautje voor mezelf verdiend na de marathon, niet?

Nu heb ik die boekjes al verslonden. Al meteen op de Thalys terug naar Brussel pikte ik er een paar must-make recepten uit. De meeste moelleux en macarons, maar aangezien daar toch wel wat werk aan is (en ik door de marathon 'wat' was- en strijkachterstand in te halen heb), start ik met een tartaar. Klaar in no-time en 't is eens iets anders dan de traditionele zalm- of rundtartaar!




Ingrediënten voor 1 persoon

150 g kraakverse doradefilet
Het sap van 2 limoenen
1 scheutje olijfolie
2 takjes kervel
1 kl fijngehakte sjalot
1/2 kl mayonaise
1 kl gekneusde roze bessen

Werkwijze

Snij de visfilet eerst in repen en daarna in blokjes.
Meng alle ingrediënten in een mengkom.
Schik in een dresseerring op het bord.
Serveer met een frisse, groene salade. In het glas komt een Sauvignon, van Saint-Bris-le-Vineux bvb.

Bron: recept uit 'Les tontons présentent leurs tartares au couteau' van Jean-Guillaume Dufour.

maandag 14 april 2014

Crème de la mer (zeevruchten in de room)

Crème de la crème, dit receptje. Dat is het helemaal! Allez, toch voor wie van zeevruchten houdt. Een crème van een gerechtje dus. Figuurlijk. En ook letterlijk, want er gaat wel wat room in. Ach, so what? Als 't maar lekker is, zeg ik dan. En dat is het!

Eigenlijk is dit een voorgerecht, maar als je wat extra zeevruchten per persoon voorziet, dan kan het perfect als hoofdgerecht geserveerd worden. Zeker en vast met een flinke schep puree.



Nodig voor 8 personen

200 g boter
8 sint-jakobsvruchten
8 Spaanse mosselen
8 wulken
8 amandes (schelpen)
1 wortel
1 selder
1 ui
1 preistengel
5 teentjes knoflook
1 blaadje laurier
1 fles witte Spaanse wijn (rioja)
1 venkel
1 groene selder
2 grote winterwortels
Schaaldierenpasta (van Primerba)

Voor de zeewierroom:
1/2 l room
1 doosje wakame (zeewier)
Peper en zout

Voor de aardappelpuree:
500 g aardappelen
50 g boter
1 dl room
Peper en zout
Muskaatnoot
1/4 bot bieslook

Voor de afwerking:
1/2 doosje oesterblaadjes
200 g zeeboontjes
1/2 ciabatta brood
Atsina cress
Purperen shiso cress

Werkwijze

Voor de beurre noisette:
Verwarm de boter in een Tefalpan op een hoog vuur tot ze uitgebruist is. Verlaag het vuur en laat de boter zachtjes pruttelen tot ze bruin ziet. Schep regelmatig de schuimlaag af. Zeef de gebruinde boter en laat afkoelen tot 55 à 60° C.

Leg de sint-jakobsvruchten in de geklaarde boter en houd de temperatuur maximum op 59° C. Laat traag garen gedurende 6 tot 8 minuten, afhankelijk van de grootte. Wie een warmkast heeft, kan deze hiervoor gebruiken.

Verdeel de zeevruchten per soort over marmietjes met deksel. De mosselen met selder, zwarte peper en preigroen. De wulken met wortel, ui en witte peper. De amandes met venkel, look en laurier.
Giet in elk marmietje 1 groot glas witte wijn en voeg een koffielepel schaaldierenpasta toe. Heb je die niet, dan kan je ook afval van garnalen gebruiken. Zet het deksel op de marmietjes en verhit gedurende 3 minuten op hoog vuur. Reken voor de wulken 8 tot 10 minuten. Houd de zeevruchten warm. Ontbaard de mosselen.

Voor de zeewierroom:
Vang het zeevruchtenvocht op (de groenten mogen weg) en kook het voor de helft in. Voeg de room toe en laat kort opkoken. Voeg helemaal op het einde het zeewier in chiffonade (in fijne reepjes) toe, roer flink en laat nog even kort doorkoken. Breng op smaak met peper en zout.

Voor de aardappelpuree:
Kook de aardappelen gaar en pureer ze samen met de room, boter, peper, zout, nootmuskaat en fijngesneden bieslook.

Voor het ciabattabrood:
Snijd het brood vanuit de diepvries in fijne plakjes en toast die met wat olijfolie in de oven op 180° C. Kruid met peper van de molen.

Afwerking

Schik een lepel puree onderaan in een diep bord. Lepel hierrond een ruime lepel zeewierroom. Schik de warme zeevruchten zoals op de foto. Werk af met de cress, een ciabattatoastje en kort geblancheerde zeeaster en oesterblad.  Serveer de mossel in de schelp.

Bron: recept van Dhr. S. De Smedt, leraar aan hotelschool Spermalie in Brugge.

vrijdag 11 april 2014

Warme sushi, zeebaars, zeesla, miso

Mensen vragen mij wel eens of ik nog iets bijleer na 13 jaar Spermalie. Tuurlijk, elke week! Zo ook nu weer. Een warme sushi had ik nog niet gegeten en ook miso had ik nog nooit eerder geproefd. Nieuwe smaken, nieuwe technieken, daarvoor rijd ik met veel plezier elke week naar Brugge!

En ook deze rit heb ik me niet beklaagd. De warme sushi was vooral door de mango heel lekker. De misomayonaise smaakte er hemels bij. En de 'komkommerconfituur' maakte het helemaal af.



Bereiding voor 8 personen

Voor de sushi:
3 nori vellen
150 g sushirijst
4 zeebaarsfiletjes
Wasabi furikake kruiden
2 dl sushiazijn
100 g zeesla
1 mango
100 g roquette
300 g panko
150 g tempuramix & water

Voor de miso:
25 g miso
1,5 dl mayonaise
2 cl water

Voor de komkommer:
4 dl komkommervocht
3 g agar-agar
1/2 komkommer
2 cl sushi azijn

Voor de zeesla:
100 g zeesla
Appelazijn
Sushiazijn

Voor de afwerking:
Radijsjes
Sushiazijn

Bereiding

Voor de sushi:
Kook de sushirijst gaar in gezouten water volgens de aanwijzingen op de verpakking. Breng op smaak met sushiazijn, peper en zout. Laat afkoelen.
Fileer de zeebaars, verwijder vel en graatjes en snij in balkjes. Kruid de zeebaars met de wasabi furikake.
Strijk een dun laagje sushi uit op de nori. Laat bovenaan en onderaan een strook vrij. Schik hierop de zeebaars, mango en roquette en rol straks op m.b.v. een matje. Maak de sushirol niet te dik.
Meng water en tempuramix en paneer hierin de sushirol. Haal ze vervolgens door de panko. Dit kan 's morgens al voor 's avonds bvb.
Fruit de sushirol à la minute in olie op 180° C goed krokant.

Voor de miso:
Breng het water aan de kook en los er de miso in op en laat afkoelen.
Meng met de mayonaise.

Voor de komkommer:
Mix een komkommer in de keukenrobot en zeef het vocht door een fijne zeef. Breng 4 dl komkommervocht aan de kook met de gaar en laat opstijven. Cutter de komkommergelei tot een gladde gel.
Snijd 1/2 komkommer in zeer fijne brunoise en meng met de komkommergel. Kruid met peper en zout. Dit geeft een soort komkommerconfituur.

Voor de zeesla:
Was het grof zeezout van de zeesla en marineer in de sushi- en appelazijn.

Voor de radijsjes:
Snij de radijsjes overlangs in 2. Marineer ze in sushiazijn.

Afwerking

Versnijd de warme sushirol in stukken. Schik 2 rolletjes op een bord. Druk wat komkommerconfituur in een dresseerring. Spuit een 4-tal toefjes misomayonaise op het bord. Werk af met de zeesla en radijsjes.

Bron: recept van Dhr. Jo Nelissen, leraar aan hotelschool Spermalie.

dinsdag 8 april 2014

Sint-jacobsvruchten, olijfolieijs, espelettezout

Bijna Pasen! Na Kerst is dit mijn favoriete feestdag. Zalig genieten van de eerste lentezon, eitjes rapen in de tuin om daarna gezellig samen met de familie te genieten van een lekkere lunch of brunch. Veel werk hoeft dat niet te zijn, lekker des te meer!

Welnu, dit is zo'n lekker gerecht met weinig werk. Het ijs maak je gewoon vooraf. Ideaal om mee uit te pakken aan je paastafel!



Ingrediënten voor 6 personen

10 sint-jacobsnoten
Olijfolie
Witte balsamicoazijn
1/4 knolselder
2 chioggia bieten
1 miniwitlof
Ansjovis van Herpac (verkrijgbaar bij La Buena Tierra)
Piment d'Espelette zout
Peper van de molen

Voor het ijs van olijfolie:
250 g water
60 g suiker
80 g glucose
70 g citroensap
105 g trimoline
600 g platte kaas
120 g eigeel
200 g olijfolie
1 g peper

Werkwijze

Voor het ijs:
Breng het water aan de kook samen met de glucose, de trimoline en het citroensap. Klop ondertussen de dooiers met de suiker tot een ruban. Giet de kokende massa op de ruban. Voeg de platte kaas, olijfolie en peper toe en meng goed. Laat afkoelen en draai in een sorbetière tot roomijs.

Snij de sint-jacobsnootjes in 4 of 5 volgens de grootte. Maak een marinade van 2/3 goeie olijfolie en 1/3 witte balsamicoazijn. Bestrooi de coquilles met espelettezout en peper van de molen. Borstel ze in met de marinade.

Schil de knolselder. Snij hem eerst in fijne repen en daarna in vierkantjes van 3 x 3 cm. Kook deze kort in 1/2 melk en 1/2 water. Bak af in olijfolie.

Schik de coquilles op een lang bord. Schep hierbij een quenelle olijfolieijs. Werk af met de knolselder, ansjovis, enkele fijne plakjes chioggia biet, 1 witlofblaadje en een paar takjes groen naar keuze.

Bron: recept van David Selen van het gelijknamige restaurant uit Bissegem.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...